Logo voor de printversie
Datum: 27 maart 2008

Bestrijdingsmiddelen

Bestrijdingsmiddelen worden in de land- en tuinbouw gebruikt om de oogst te beschermen tegen onder andere schimmels, onkruid en insecten. Dit verhoogt de opbrengst en kwaliteit en heeft een lagere prijs van de producten tot gevolg. Er gelden strenge regels voor de toelating en het gebruik van bestrijdingsmiddelen. Bij gebruik volgens deze regels is het risico van resten bestrijdingsmiddelen zo gering dat het niet schadelijk is voor de gezondheid. Een gevarieerde consumptie van groenten en fruit maakt de kans op te veel bestrijdingsmiddelen nog kleiner. Om de kans op overschrijdingen in levensmiddelen tot een minimum te beperken en milieuschade zoveel mogelijk te voorkomen, pleit het Voedingscentrum voor een zo beperkt mogelijk gebruik van bestrijdingsmiddelen.

Het is niet nodig groente en fruit te schillen in verband met resten bestrijdingsmiddelen

Veel bestrijdingsmiddelen trekken verder in het product dan de schil. Meestal zijn ze al afgebroken als de producten op de markt komen. Wassen is wel belangrijk om vuil en stof te verwijderen.

Was bij het maken van citroen- en/of sinaasappelrasp eerst de schil

Op citrusvruchten worden schimmelwerende middelen gebruikt. Daarvan kunnen nog wat resten op de schil voorkomen. Bij het gebruik van citroen- en/of sinaasappelrasp is er geen gevaar voor de gezondheid als de schil goed is gewassen.

Nog minder kans met Nederlandse producten of producten met een EKO- of milieukeurmerk

De kans op te veel resten bestrijdingsmiddelen is het kleinst in biologische producten (herkenbaar aan de term 'biologisch' en/of het EKO-keurmerk) en Nederlandse producten. Ook bij producten met het milieukeurmerk worden minder bestrijdingsmiddelen gebruikt dan gemiddeld.

Breng afwisseling aan in de groente- en fruitsoorten die u eet

Variatie in de groente- en fruitconsumptie beperkt de kans op eventuele schadelijke gevolgen van een incidenteel verkeerd product. Bovendien verkleint het eten van voldoende groente en fruit de kans op hart- en vaatziekten en een aantal vormen van kanker.